Jochen Markhorst - Bob Dylans Rough And Rowdy Ways kant C

Veelschrijver Jochen Markhorst is in de laatste jaren uitgegroeid tot de meest lezenswaardige Dylanschrijver van het hele Dylanschrijverskorps. Veruit. Zijn kracht ligt in het vinden van verbanden tussen de besproken Dylansongs en een keur aan songs, films, boeken, etc. Verbanden die menigeen over het hoofd ziet, maar die er wel degelijk zijn.

Disney's Jungle Book, Harry Mulisch, Ive Cube, James Dean & Grateful Dead, ze komen allemaal voorbij - en nog veel meer - in Markhorsts unieke kijk op Key West (Philosopher Pirate), de laatste besproken song in dit boek. En het snijdt allemaal hout.

Ruim 260 bladzijden om drie songs - Mother Of Muses, Crossing The Rubicon & het eerder genoemde Key West - tot op het naadje te beschrijven, als lezer val je van het ene aha-moment in het andere, maar bovenal: Markhorst weet zijn lezers terug te sturen naar de platenkast. Wie Markhorst leest, gaat naar Bob Dylan luisteren met nieuwe oren.

Het knappe van dit boek is dat Markhorst welleswaar drie losse songs bespreekt, maar daarbij niet het grotere geheel van het album Rough And Rowdy Ways vergeet. 

Lees Bob Dylans Rough And Rowdy Ways kant C van Jochen Markhorst. 

Correctie: lees alles van Markhorst. Nu.


De boeken van Jochen Markhorst zijn, vaak in meerdere talen, via amazon te koop.

Dylan kort #8

Jochen Markhorst heeft een derde deel  gepubliceerd van zijn serie boeken over Rough And Rowdy Ways. In Rough And Rowdy Ways Kant C behandelt Markthorst in ruim 250 pagina's de songs Mother Of Muses, Crossing The Rubicon en Key West (Philosopher Pirate). Hoewel ik het boek nog niet gelezen heb, kan ik - afgaande op eerdere boeken van Markhorst - ook deze weer van harte aanbevelen.

Herman Düne: Het begon met het album Ya Ya van David-Ivar Herman Düne dat ik op de gok kocht op een vlooienmarkt, een album dat bij eerste beluistering al een verpletterende indruk maakte. Wie David-Ivar Herman Düne op discogs opzoekt, ziet niet alleen dat de man een van de Herman Düne-broers is die speelt in de band Herman Düne, maar ook een opvallende profielfoto: de man gezeten in kleermakerszit achter een laptop, aan de muur achter hem hangen de hoezen van Bob Dylans Blood On The Tracks en New Morning. Dit heb ik eerder gemeld op een van de oude blogs. Het verhaal gaat echter verder.

Het door Les Inrockuptibles uitgegeven cd'tje Bob Dylan Revisited uit 2007 bevat Heart Of Mine in de versie van Herman Düne. Ik moet dat cd'tje ergens hebben, maar kan 'm zo een, twee, drie niet vinden. Ik weet niet meer wat ik van die cover vond bij eerdere beluistering, mijzelf kennende was ik kritisch. Online kan ik de cover ook niet vinden, al lees ik daar wel dat Herman Düne Heart Of Mine regelmatig tijdens concerten speelt. De songkeuze - niet het geijkte werk - levert in ieder geval punten op.

Vervolgens is er de hoes van The Portable Herman Düne vol. 1 die lijkt te knipogen naar de hoes van Dylans The Times They Are A-Changin'. Of de muziek op dit album ook knipoogt naar Times, durf ik nog niet te zeggen, ik heb het album namelijk nog niet gehoord.

Wat ik wel gehoord heb, is het album Notes From Vinegar Hill met daarop de song Ballad Of Herman Dune (High On Rye & Lost At Sea). De tekst van deze song begint zo:

The old Main Street is fumes and vapes / I’ve been driving Downtown with the Basement Tapes

Dylans Basement Tapes, naar ik aanneem. Luister hier.

Ik verwacht, naarmate ik meer & meer in  het oeuvre van [David Ivar] Herman Düne duik, meer Dylan tegen te komen.


Het slechtste? Het beste? Zeg het maar!

In de twee delen The World's Worst Records van Darryl W. Bullock komt Bob Dylan een aantal malen zijdelings voorbij & in deel twee krijgt Dylan zelfs een eigen hoofdstuk, vijf pagina's waarin Bullock uit de doeken doet welke Dylan-releases volgens hem behoren tot het afvalputje van de muziek. De keuze is subjectief - zo schrijft Bullock ergens in deze boeken - wat logisch lijkt, maar is die keuze wel zo subjectief?

Om te begrijpen waar mijn twijfels over die subjectiviteit vandaan komen, is het misschien aardig om bij wijze van experiment nu te stoppen met lezen, pen en papier te pakken en een lijstje te maken met Dylan-titels waarvan jij denkt dat de kans groot is dat ze op het lijstje van Bullock staan. [Dus niet de titels waarvan jij vindt dat ze onder de maat zijn, maar titels waarvan je verwacht dat ze op Bullocks lijst staan.]

Niet alvast spieken! 

Het mogen albumtitels zijn, of losse songs, wat je maar wilt. Het hoeft geen lang lijstje te zijn, laten we zeggen een stuk of vijf titels. 

Lijstje klaar? 

Zeker weten? 

Niet vals spelen! 

Moeilijk, hè, om niet te spieken....

Ik weet er alles van, met spieken heb mijn diploma gehaald...

Klaar? Dan kun je weer verder lezen.

Oké, ik ga er van uit dat je lijstje af is. Ik zal nu één voor één de keuzes van Bullock noemen, vergelijk dit met wat je hebt opgeschreven en kijk hoeveel titels je goed hebt geraden.

Allereerst noemt Bullock het album Under The Red Sky in het algemeen en de song Wiggle Wiggle in het bijzonder en dan met name vanwege de regel Wiggle, wiggle, wiggle like a bowl of soup

Ik moet altijd een beetje lachen wanneer mensen vallen over die soepregel omdat die regel helemaal niet van Dylan is! In 2020 schreef ik in het boek Rough And Rowdy daarover:

Jaren geleden heb ik een artikel gelezen waarin Dylan-liefhebbers aan het woord kwamen over de zwakke momenten in uw oeuvre. Ik kan me weinig van dat artikel herinneren. Eigenlijk is het enige dat ik nog weet dat Wiggle Wiggle van Under The Red Sky  een sneer kreeg. Met name de regel Wiggle, wiggle, wiggle like a bowl of soup moest het ontgelden. Hoe kan een groot dichter zo’n slechte regel schrijven, aldus de geïnterviewde. Hij was oprecht verontwaardigd. Je kunt niet wiebelen als een kom soep, aldus de man. Hij leek zich niet te realiseren dat twijfelen aan alles wat niet letterlijk klopt, gelijk staat aan zagen aan de poten van de poëzie.

Ik zal niet beweren dat Wiggle, wiggle, wiggle like a bowl of soup een goede regel is, maar verwerpelijk slecht? Dat nou ook weer niet.

Drie dagen geleden reed ik van mijn werk naar huis. In de cd-speler schoof ik een onlangs bij een kringloopwinkel op de kop getikte cd van Otis Redding. Goede zanger, zeker tijdens een autorit. Ergens halverwege de cd zong Redding een song waarvan ik me niet kan herinneren het eerder gehoord te hebben, Shake heet dat nummer. Het is geschreven door Sam Cooke. In dat nummer zit de regel Shake it like a bowl of soup. De overeenkomst is geen toeval.

Volgende album op Bullocks lijst is Christmas In The Heart, de song Must Be Santa vindt hij nog wel aardig, maar de songs O Come All Ye Faithful en Little Drummer Boy behoren volgens Bullocks dat het slechtste dat Dylan ooit heeft opgenomen.

Vervolgens zijn het Down In The Groove [Ugliest Girl In The World]  en Knocked Out Loaded waar Bullocks niks aardigs over te zeggen weet, om af te ronden met het noemen van Self Portrait [en Dylan, al is dat niet Dylans, maar Columbia's schuld, aldus Bullock] en If Dogs Run Free van New Morning.

Oké, hoeveel van Bullocks lijst heb je goed geraden?

Bullocks - een groot Dylan-fan, zo schrijft hij - die niet alleen de man meerdere keren live heeft gezien, maar ook de mid-sixties trilogie tot een hoogtepunt van de muziekgeschiedenis benoemd - komt voor zijn boek niet verder dan een paar open deuren intrappen. Ik durf te wedden dat van de zes door Bullock genoemde titels er minstens vijf op je lijstje stonden. Dikke kans dat je ook nog Dylan & The Dead op je lijst had staan.

Begrijp me niet verkeerd: het zal mij werkelijk een worst wezen wat van Dylans muziek Bullock goed en niet goed vindt. Waar het mij om gaat is of wij [jij, ik, Darryl W. Bullock] nog echt luisteren naar muziek en zelf een oordeel vormen. Want hoe hard Bullock ook roept dat zijn keuze subjectief is, wat hij noemt is natuurlijk simpelweg een lijstje titels die door jan en alleman aangemerkt worden als prut. Subjectief m'n hoela, dus. 

En het is Bullock niet eens kwalijk te nemen. Want laat ik eerlijk zijn: laat mij een lijstje maken met de beste [of slechtste] albums van Bruce Springsteen, Miles Davis, Pink Floyd, Rita Corita of welke band / artiest dan ook waar ik niet een paar decennia dag & nacht mee opgetrokken heb & ik zal zeker weten niet verder komen dan een open deur intrappen, met twee benen gestrekt erin.

ik zal je die lijstjes niet geven, want eerlijk is eerlijk: het is niet interessant wat ik te melden heb over het oeuvre van meneer Davis of mevrouw Corita simpelweg omdat de kans erg groot is dat ik zal oplepelen wat ik ook maar ergens gelezen of gehoord heb.

De enige echt interessante lijstjes zijn van de mannen en vrouwen die een leven met een artiest hebben geleefd, die een oeuvre van haver tot gort kennen en - dit is belangrijk - eigenwijs genoeg zijn om er zelf iets van te vinden. 

Als het om Dylan gaat lever ik met plezier al die beste & slechtste lijstjes van Bullock & co in voor die ene opmerking van de Dylanliefhebber die wel zelf luistert & oordeelt. De Dylanliefhebber die het album Hard Rain het beste vindt wat Dylan op de markt heeft gebracht. Ik hoef het daar niet mee eens te zijn, maar door het horen van zijn mening werd [word] ik wel geprikkeld om opnieuw te gaan luisteren naar dit live-album uit 1976 in de hoop iets te horen van de schoonheid die hij in dit album hoort. En wat blijkt? Hij heeft een punt: Hard Rain is een groots album.

Ik ben op zoek naar die eigenwijze meningen die mij [en de lezers] met nieuwe oren laten luisteren naar albums die al 100den keren gehoord zijn.

Dus: mocht je anders denken, mocht je gevoed door een leven Dylan-luisteren een anders dan doorsnee top 3 Dylan-albums hebben, laat het me weten! In de veronderstelling dat jouw top 3 de oren van mij en de lezers van deze blog zullen openen voor de schoonheid die jij hoort.

[Je top 3 mag via e-mail naar het bekende adres, zie kolom rechts.]


3 heruitgaven

Op 18 september brengt Sony Dylans albums Desire, World Gone Wrong en Together Through Life opnieuw op elpee uit. 

Waarom uitgerekend deze drie albums, zo vroeg ik me af. De enige overeenkomst tussen deze drie albums is dat Dylan verdomd weinig songs voor deze platen in z'n uppie schreef. Op World Gone Wrong uiteraard geen enkele song van eigen hand, op Together Through Life eentje (alle andere songs schreef hij samen met Robert Hunter, voor My Wife's Hometown krijgt Willie Dixon ook een naamsvermelding) en op Desire slechts twee songs die hij zonder Jacques Levy schreef. Oké, het is wat ver gezocht & ik kan me ook niet voorstellen dat dit de reden is dat Sony voor deze drie albums heeft gekozen.

Waarom dan deze drie titel? Antwoorden kunnen op een (digitale) briefkaart naar het bekende adres (& kom nu niet aanzetten met: 'de voorraad zal wel op zijn geweest...', wees creatief!)


aantekening #10

Maandagochtend, de vierde schijf van Dylans meest recente aflevering  van The Bootleg Series draait. Het is de dag na de grote boekenmarkt in Deventer. Een heerlijke markt voor de boekenliefhebber in mij. De voeten doen nog wat pijn, de hersens zijn druk doende alle indrukken te verwerken. 

Weinig Dylanaanbod op de markt, al kwam ik in een rijtje muziekboeken op een van de kramen ergens tussen boeken over Abba en Celine Dion enkele Dylantitels tegen, waaronder mijn eigen Bob Dylan in Nederland 1965 - 1984.

Zaterdagavond sloten Bob Dylan & band de Amerikaanse tournee af met een concert in Nashville, dit maal met de gitaristen Julian Lage & Joel Paterson op het podium. Tijdens enkele songs schoof Jimmie Vaughan als derde gitarist aan.

Welke gitaristen gaan vanaf half oktober mee naar Europa voor een serie concerten?

En wat gaat de setlist worden tijdens die Europese concerten? Hoewel Dylan nogal eens voor een verrassing zorgt als het om songs op de setlists gaat, durf ik wel wel haast met zekerheid te zeggen dat lange songs als Murder Most Foul, Highlands, Sad Eyed Lady Of The Lowlands en Brownsville Girl niet op die setlists zullen staan. 

Aan die laatste song - het door Dylan met Sam Shepard geschreven Brownsville Girl - moest ik denken bij het lezen van Pinball 1973 van Haruki Murakami. Dat boek verscheen voor het eerst in Japan in1980, de Engelse vertaling is van 2015. In dat boek las ik:

No one has a clue who Raymond Moloney was.

All we can say for sure is that a man by that name once lived and died - that's about it. Our knowledge ends there. He is as much a mystery as a water bug at the bottom of a deep well.

Bij deze regels moest ik gelijk denken aan:

The only thing we knew for sure about Henry Porter is that his name wasn’t Henry Porter

uit Brownsville Girl. Ervan uitgaande dat Bob Dylan en Sam Shepard geen Japans lezen, kunnen Dylan & Shepard niet op het idee voor die ene regel zijn gekomen na het lezen van Murakami & Murakami - gezien wanneer hij zijn boek schreef - kan niet op het idee voor die paar regels over Raymond Moloney zijn gekomen na het horen van Brownsville Girl. De overeenkomst is echter in mijn ogen wel opmerkelijk.

Minstens net zo opmerkelijk is de overeenkomst tussen die ene, overbekende foto die Roy Schatt maakte van James Dean en de Don Hunstein-foto die de cover van The Freewheelin' Bob Dylan siert. Hoewel ik met beide foto's al jaren bekend ben, viel mij die overeenkomst pas op toen iemand mij daar op wees, enkele jaren geleden al weer. Die wetenschap was ook al weer wat op de achtergrond geraakt. Toen ik op de boekenmarkt, gisteren, de door William Bast geschreven biografie van James Dean tegenkwam met op de voorzijde die Schatt-foto, kon ik het niet laten dat boek te kopen.

Dat boek verscheen in 1956 en het is dus niet vreemd om te veronderstellen dat de jonge Dylan - in zijn pubertijd gefascineerd door James Dean - die biografie heeft gelezen.

Zou de overeenkomst tussen de Freewheelin'-cover en de Dean-foto toeval zijn, of zou Dylan dan wel fotograaf Don Hunstein bewust hebben gezocht naar een verwijzing naar James Dean tijdens de fotosessie voor Freewheelin', zo vroeg ik me vanochtend af. Aanvankelijk wilde ik het op toeval schuiven, maar er is reden om aan te nemen dat er toch iets meer aan de hand is dan toeval. Want is het niet zo dat in 1963 een promosingle met Blowin' In The Wind en Don't Think Twice, It's All Right - twee songs van Freewheelin' - in een hoesje zat met daarop de tekst van de door Bob Thompson geschreven nieuwsbrief over Dylan? De titel van die tekst: Rebel With A Cause, een duidelijke verwijzing naar de James Dean-film Rebel Without A Cause.

Met dat in m'n achterhoofd ben ik verder gaan kijken. Zo vroeg ik me af of er meer foto's uit de Freewheelin'-fotoshoot zijn die overeenkomsten vertonen met Dean-kiekjes. En verdomd, gelijk bij de eerste foto uit de Freewheelin'-sessie waarvoor ik een overeenkomstige Dean-foto zoek, is het raak: van de foto van Bob Dylan hangend in een stoel [foto] bestaat een Dean-voorbeeld [foto].

Iets in mij zegt dat dit het topje van de ijsberg is, dat er meer Freewheelin'-foto's zijn met een Dean-tintje. Dat is iets voor binnenkort wanneer ik wat ruimer in mijn tijd zit: Dean zoeken in Freewheelin'-foto's.

Tot slot een derde overeenkomst: op een platenbeursje met een bijzonder mager aanbod dook ik uiteindelijk - al weer een tijdje geleden - uit pure frustratie maar in de uitverkoopbakken van de handelaar die ik meestal links laat liggen. Daar haalde ik mijn gehele opbrengst van een teleurstellende beurs: drie platen voor een habbekrats waarvan twee gokjes-afgaande-op-de-hoes en een plaat van Mike Seeger. Mike Seeger is niet alleen de halfbroer van Pete, maar ook ooit lid van New Lost City Ramblers. Ik heb een zwak voor de muziek van New Lost City Ramblers. Bovendien is er - zoals iedere Dylan-liefhebber weet - het Mike Seeger album Third Annual Farewell Reunion uit 1995 waarop Bob Dylan zijn eigen Ballad Of Hollis Brown samen met Seeger speelt. Van al Dylans gastoptredens op albums van andere muzikanten, is dit toch wel een van de beste. 

Met dat in mijn achterhoofd nam ik de Seeger-plaat mee. Fresh Oldtime String Band Music heet die plaat uit 1988. Bij het beluisteren van die plaat, viel ik bijna van mijn stoel: Seegers versie van Black Jack Davey op deze plaat is overduidelijk de bron geweest voor Dylans versie van dit nummer op Good As I Been To You. Dat voor het eerst horen op een niet daarvoor aangeschafte plaat voelt toch een beetje als het vinden van de heilige graal. Dat ik het wel had kunnen weten omdat Derek Barker in zijn uitstekende boek The Songs He Didn't Write melding maakt van de Seeger-bron voor Black Jack Davey doet niks aan dat gevoel af. 

Barker is vrij duidelijk in zijn boek: Dylan vond Black Jack Davey bij Seeger, maar wat Barker niet meldt is dat uit de linernotes van Fresh Oldtime String Band Music blijkt dat ook Seeger voor zijn versie van Black Jack Davey hier en daar leentjebuur heeft gespeeld:

One of the most widely circulated of the traditional English ballads, arranged here, at the suggestion of Nancy Blake, for a mandolin quartet. The melody is from Dillard Chandler and the text from Almeda Riddle. I made up the second part. [Almeda Riddle]

De maandagochtend kruipt langzaam maar zeker richting middag. Met Dylan, Riddle, Seeger, Dean & Murakami in mijn kop, druk ik de computer zo uit. Tijd om me te storten op andere zaken.


Dylan kort #7

Eddy Posthuma de Boer: In museum Henriëtte Polak in Zutphen zijn tot 15 november foto's van Eddy Posthuma de Boer te zien. Er hangt niet extreem veel, maar het getoonde is zeker aardig. Foto's van onder andere Cees Nooteboom, Gerard Reve, The Beatles, Thelonious Monk, Miles Davis en vele onbekende mensen.
Een van de twee getoonde door Posthuma de Boer gemaakte foto van Gerard Reve doet sterk denken aan de hoes van Bob Dylans Bringing It All Back Home. Toeval? Geen idee. De Reve-foto is uit 1969.
Om copyrightgedonder te voorkomen, plaats ik de foto maar niet hier, wel een link naar een andere andere plek op het het net waar de foto te bewonderen is. [link]

Zijsprong: Hanny Michaelis - ze was ooit getrouwd met Gerard Reve - noemde in haar gedicht Vijf uur zaterdagmiddag Bob Dylan. Dat gedicht is te vinden in haar bundel Wegdraven naar een nieuw Utopia.

Caetano Veloso: Ik houd wel van een beetje vreemd in de muziek. Soms geeft dat wat wrijving of verzuchten medeluisteraars een 'moet dit' voor ze hoofdschuddend weglopen. Een van de meest vreemde platen die ik afgelopen jaar ontdekte, is Araçá Azul [1972] van de Braziliaan Caetano Veloso. Eerlijk is eerlijk, ik moest dat album een keer of drie, vier horen voor het kwartje viel, maar nu dat kwartje eenmaal is gevallen, ben ik om. Consequentie: ik wilde meet van Veloso horen & dus hoefde ik geen moment over aanschaf te twijfelen toen ik zijn cd A Foreign Sound [2004] in de kringloopwinkel tegenkwam. De albumtitel verraadt het al enigszins: op deze cd staat Veloso's versie van Dylans It's Alright, Ma [I'm Only Bleeding]. Deze Dylan-cover is - net als de rest van het album - zó slecht, dat ik dit niemand wil onthouden, luister hier.
Recent ontdekte betere covers zijn er zeker ook: Knockin' On Heaven's Door door Jerry Garcia Band op de albums Don't Let Go en GarciaLive volume 21, beide concertopnamen uit 1976, waarvan die op GarciaLive volume 21 ruim 19 [!] minuten duurt & mij geen seconde verveelt.
Op How Sweet It Is... van diezelfde Jerry Garcia Band staan nog covers van Tough Mama en Tears Of Rage.
Verder bevat de boxset Electric Lady Studios van Jimi Hendrix enkele aardige versies van Drifter's Escape.

Koop Tarantula!
Het door Dwight Garner samengestelde boek Read Me is een bladerboek met meer dan 300 Amerikaanse advertenties voor boeken uit de twintigste eeuw waaronder een schitterende advertentie voor Bob Dylans boek Tarantula [zie afbeelding]. 
Wat me dan weer terugbrengt bij It's Alright, Ma [I'm Only Bleeding] [lyrics]:

Advertising signs they con
You into thinking you’re the one
That can do what’s never been done
That can win what’s never been won
Meantime life outside goes on
All around you

Hard Rain: Het is juli 2026, afgelopen mei was het vijftig jaar geleden dat het livealbum Hard Rain werd opgenomen, aankomende september dat het verscheen. Aangezien per 1 januari 2027 de copyrights op de 1976-opnamen niet meer beschermd zijn, tenzij die opnamen worden uitgebracht, is het aannemelijk dat de concertopnamen van Dylans Rolling Thunder Tour II worden uitgebracht nog voor dit kalenderjaar voorbij is. Of dat een mooie boxset gaat worden, misschien net zoiets als wat met de '66- en '74-opnamen is gedaan, of een slappe-hap-release net als eerdere Copyright Protection-uitgaven, is nog niet bekend. Als ik mag kiezen: mooi boxje, dat verdient tour '76.

aantekening #9

Wanneer je lang genoeg met Bob Dylan in je hoofd hebt gelopen, zie je hem overal opduiken, zoals in de cover van een Italiaanse vertaling van Jack Kerouacs Mexico City Blues. Oké, Bob Dylan is niet op die cover te vinden, maar mijn kop-vol-Dylan legt wel connecties met zowel het boek als de cover van dat boek & dat is vreemd aangezien boek & cover van deze Italiaanse editie van deze dichtbundel niks me elkaar te maken hebben.

In 1959 publiceerde Jack Kerouac [1922 - 1969] zijn dichtbundel Mexico City Blues & hoewel Kerouac de hippies verfoeide, wordt hij vaak gezien als een voorloper, een godfather zo je wilt, van diezelfde hippies. 

Op de voorzijde van de in 1979 verschenen Italiaanse versie van Kerouacs Mexico City Blues staat een afbeelding in psychedelische tinten van Peter Fonda rijdend op een Harley Davidson. De afbeelding is een bewerking van een still uit de film Easy Rider uit 1969. Wikipedia over die film: 

Het was de eerste film afkomstig uit de protestcultuur van de hippie-beweging, en daarmee de eerste film die inging op deze jeugdcultuur.

Wat doet een still uit dè Hippie-film op de cover van een boek van anti-hippie Jack Kerouac? De twee - Jack Kerouac & Peter Fonda / Easy Rider - lijken haast met elkaar te vloeken & toch werkt het - althans in mijn kop.

Maar goed, deze blog draait niet om Jack Kerouac of hippie-films, maar om Bob Dylan. En nu komt het aardige: er is een makkelijk lijntje te trekken van zowel Kerouacs Mexico City Blues als Peter Fonda / Easy Rider naar Bob Dylan:

Eerst maar het lijntje van Kerouacs Mexico City Blues. Ik kan het allemaal opnieuw verwoorden, maar ik heb het allemaal eerder opgeschreven in mijn boek Dylan & de Beats [2018]:

In de film Renaldo And Clara is te zien hoe Bob Dylan en Allen Ginsberg het graf van Jack Kerouac bezoeken. Bij dit graf maken ze muziek en lezen ze uit Kerouacs Mexico City Blues

Allen Ginsberg in zijn inleiding bij het boek Pomes All Sizes van Jack Kerouac: “His [Kerouac] influence is worldwide, not only in spirit, with beat planetary Youth Culture, but poetic, technical. It woke Bob Dylan to world minstrelry: ‘How do you know Kerouac’s poetry?’ I asked Mr. Dylan after we improvised songs and read Mexico City Blues choruses over Kerouac’s gravestone 1976 [sic] Lowell’s Edison Cemetery, cameras on us walking side by side under high trees and shifting clouds as we disappeared down distant aisles of gravestones. Dylan’s answer: Somebody handed me Mexico City Blues in St. Paul in 1959 and it blew my mind. He said it was the first poetry that spoke his own language.”

En elders in datzelfde boek:

Om het belang van Mexico City Blues voor Bob Dylan te onderstrepen is in No Direction Home [2005], de documentaire over Bob Dylan van Martin Scorsese, een geluidsopname van “228th Chorus” uit Mexico City Blues te horen. In aflevering 87 van zijn radioshow Theme Time Radio Hour – uitgezonden op 14 januari 2009 - draaide Bob Dylan een opname van Jack Kerouac die “104th Chorus” (“I’d Rather Be Thin Than Famous”) voorleest. Ook hierin kan een onderstreping van het belang van het boek Mexico City Blues voor Bob Dylan gezien worden.

Tot slot - voor nu -  is er de opvallende overeenkomst tussen Kerouacs 113th Chorus uit Mexico City Blues en Dylans Subterranean Homesick Blues.

Kerouac: 

Got up and dressed up

      and went out & got laid 

Then died and got buried 

     in a coffin in the grave, 

Man 

Dylan:

Ah get born, keep warm 

Short pants, romance, learn to dance 

Get dressed, get blessed 

Try to be a success 

Please her, please him, buy gifts 

Don’t steal, don’t lift 

Twenty years of schoolin’ 

And they put you on the day shift 

Tot zover het lijntje van Kerouacs Mexico City Blues naar Bob Dylan. Nu dat andere lijntje, van Peter Fonda naar Dylan:

Peter Fonda - niet alleen acteur in Easy Rider, maar ook - samen met Dennis Hopper & Terry Southern - scriptschrijver, benaderde Bob Dylan met het verzoek om diens It's Alright, Ma (I'm Only Bleeding) in de film te mogen gebruiken. Daarnaast hoopte Fonda Dylan te kunnen overhalen om een nieuwe song voor de film te schrijven.

Bob Dylan weigerde It's Alright, Ma (I'm Only Bleeding) af te staan voor de film. Voor de gevraagde nieuwe song voor Easy Rider krabbelde hij de regels

The river flows

It flows to the sea

Wherever that river goes

That's where I want to be

op een servetje, gaf dit aan Fonda met de opdracht om dit aan Roger McGuinn [van The Byrds] te geven zodat deze de song kon afmaken. Onder de titel The Ballad Of Easy Rider nam McGuinn de song op voor de soundtrack van Easy Rider.

Een paar maanden later nam Roger McGuinn nogmaals de song op, dit keer niet solo, maar met zijn band The Byrds voor het album Ballad Of Easy Rider. De liner notes voor dat album werden geschreven door Peter Fonda, een fragment:

so take what you need

you think will last

and mcguinn did

and so did the rest of us

i quess

for the highway is for gamblers

and i don't care

where they may go

as long as mcguinn keeps doing it

De oplettende lezer ziet gelijk dat er een aantal regels uit Bob Dylans It's All Over Now, Baby Blue in deze liner notes verstopt zitten. Niet zo vreemd overigens, naast de deels door Dylan geschreven titeltrack bevat het album Ballad Of Easy Rider een cover van Dylans It's All Over Now, Baby Blue.

Zie daar een driehoek met op de hoeken Mexico City Blues, Bob Dylan & Easy Rider, of zo je wilt een lijn met intervallen van steeds 10 jaar waarbij aan het eind weer teruggegaan kan worden naar het begin & Bob Dylan tussen de nerven van die lijn is gekropen, als de lijm die het geheel in mijn kop bij elkaar houdt.

Mexico City Blues [1959] ---> Easy Rider [1969] ---> Mexico City Blues Italiaanse versie [1979]



Europese tournee

Bob Dylan en band komen naar Europa voor een reeks concerten. De tournee begint met een concert in Oslo, Noorwegen op 17 oktober en eindigt begin december met vijf concerten in Royal Festival Hall in Londen, Engeland. Tussendoor geven Dylan en band concerten in onder andere Duitsland, België en Italië. 

Een rondje langs online nieuwsdiensten leert dat Bob Dylan Nederland 'overslaat' [voorbeeld, voorbeeld 2]. Je zou uit deze berichten kunnen concluderen dat het Bob Dylan is die er voor heeft gekozen niet in Nederland op te treden. De vraag is of die conclusie klopt. Een aantal jaar geleden liet een van de Mojo-directeuren doorschemeren dat hij vond dat Dylan wel genoeg concerten in Nederland had gegeven, dat iedere twee jaar een Dylan-concert in Nederland wat te veel van het goede is, dat het niet ondenkbaar zou zijn dat Mojo de mogelijkheid om Dylan te laten optreden in Nederland nu en dan aan zich voorbij zou laten gaan. Aangezien Dylan afgelopen november nog in Nederland was voor twee concerten, zou het mij niet verbazen wanneer Mojo dit keer een rondje Dylan overslaat. Dat gevoel - want meer is het niet - wordt nog eens versterkt door het feit dat het voor Dylan logisch zou zijn om dit najaar wel in Nederland op te treden: een of meerdere concerten in bijvoorbeeld Amsterdam past prima in een tourschema waarin ook België en Duitsland worden aangedaan.

De Nederlandse Dylanliefhebber zal dus moeten uitwijken naar een van onze buurlanden wanneer hij / zij een Dylan-concert wil bijwonen dit najaar. Het tourschema is te vinden op Dylans website [tourschema]. Daar vind je ook informatie over de start van de voorverkoop van toegangskaarten.

aantekening #8

De anarchistische groep The Diggers - vooral bekend geworden door het voeden van hongerige hippies in Hight Ashbury, San Francisco in de 2de helft van de jaren zestig - liet begin oktober 1966 een pamflet circuleren met de tekst:

To show love is to fail. To love to fail is the Ideology of Failure. Show Love. Do your thing. Do it for FREE. Do it for Love. We can't fail. And Mr. Jones will never know what's happening here. 

Het moge duidelijk zijn dat de schrijver van deze tekst goed heeft geluisterd naar Bob Dylans Ballad Of A Thin Man van het ruim een jaar eerder verschenen album Highway 61 Revisited

Because something is happening here

But you don't know what it is

Do you, Mister Jones? [bron

Ik vraag mij af of Digger Emmett Grogan de tekst van het boven genoemde pamflet heeft geschreven. Dat zou de cirkel mooi rond maken.

In 1972 publiceerde Grogan zijn autobiografie Ringolevio. In dit boek vond Bob Dylan inspiratie voor een paar regels voor zijn song Joey van het album Desire [1976]. Het gaat om de regels: 

"What time is it?" said the judge to Joey when they met

"Five to ten," said Joey. The judge says, "That's exactly what you get" [bron]

Emmett Grogan overleed op 6 april 1978. Half juni van dat jaar verscheen het album Street-Legal van Bob Dylan. Op de achterzijde van de hoes van dat album staat rechtsonder: "In Memoriam Emmett Grogan".

~ * ~ * ~

De tekst van het Diggers-pamflet heb ik overgenomen uit het boek A Long Strange Trip van Dennis McNally

Fab, who plays the guitar? Uhmmmm, Jad Tariq??

Ik weet niet hoe het met jou zit, maar ik ben - met de komst van weer een andere gitarist in Dylans band -  zo langzamerhand de draad enigszins kwijt. Daarom maar even het een en ander op een rijtje.

Bob Britt en Doug Lancio waren de gitaristen in Dylans tourband van 2 november 2021 tot en met 14 juni 2026. Vanaf het concert van 17 juni in Santa Barbara maakte Doug Lancio niet langer deel uit van Bob Dylans tourband. Hij werd vervangen door Julian Lage.

Het gitaarduo Bob Britt + Julian Lage speelde slechts zeven concerten samen in Dylans band, waarna Bob Britt vertrok naar huis en Julian Lage zich afmeldde vanwege verplichtingen elders. Het duo werd vervangen door één nieuwe gitarist: Joel Paterson.

Na een aantal concerten met alleen Joel Paterson op gitaar voegde Julian Lage zich weer - voor even - bij de band. 

Tijdens het concert in Cincinnati gisteravond moest Lage weer afhaken door verplichten elders [lees: North Sea Jazz Festival] om vervangen te worden door Jad Tariq.

Een rondje op Jad Tariqs bandcamp-pagina leert dat Tariq een Rhythm & Blues-gitarist is die zich laat inspireren door de muziek uit de jaren '40 & '50, helemaal in Dylans straatje lijkt mij. [bandcamp]

Overzicht van de gitaristen in Dylans band tijdens de huidige tournee:

4 juni t/m 14 juni: Bob Britt & Doug Lancio

17 juni t/m 26 juni: Bob Britt & Julian Lage

29 juni t/m 4 juli: Joel Paterson

6 juli & 8 juli: Joel Paterson & Julian Lage

10 juli t/m ??: Joel Paterson & Jad Tariq

Newport Folk Festival

Ik dacht dat we door de films Festival, No Direction Home en The Other Side Of The Mirror wel zo'n beetje alle filmbeelden van Bob Dylan tijdens de Newport Folk Festivals van 1963, 1964 en 1965 hadden gezien, maar in de aankondiging van Newport & The Great Folk Dream - een nieuwe documentaire - kun je lezen dat er in deze film niet eerder geziene beelden van Bob Dylan op Newport te zien zijn.

Ook zonder nieuwe Dylan-beelden lijkt Newport & The Great Folk Dream mij overigens, afgaande op de trailer, zeer de moeite van het bekijken waard. Die trailer kan op de website van de film of op YouTube bekeken worden.

Waar kunnen we dit gaan zien? In de bioscoop? Via streaming? Een dvd? Ik heb werkelijk nog geen idee.

De website vind je hier.

YouTube: een, twee, drie

Wanneer draaide jij voor het laatst Blonde On Blonde?

Gisteren, vrijdag 3 juli, plopte in mijn mailbox een schrijven van Sony Music / bobdylan.com waarin onder de kop Celebrating 60 Years of Blonde On Blonde in een paar zinnen de loftrompet voor Dylans eerste dubbelalbum wordt geblazen. Wat in die mailing opvalt, is dat Sony Music / bobdylan.com de lang vastgehouden, maar foutieve releasedatum 16 mei 1966 heeft losgelaten. Immers, het verjaardagsfeestje wordt pas begin juli onder de aandacht gebracht. Verder is het weinigzeggend wat de persafdeling in de mailing heeft gestopt.

Dat Blonde On Blonde een meesterwerk is, hoef ik je niet te vertellen. Dat weet je al. Dat het bijna onmogelijk is geworden om daar anders over te denken, zal je ook weten. Die bagage drukt al enkele decennia op de schouders van het album. Vreemd hoe het kan gaan in de wereld van de classic albums.

Ikzelf ben jonger dan Blonde On Blonde. Gekscherend zeg ik wel eens dat mijn ouders op de dag dat Blonde On Blonde verscheen voor het eerst een afspraakje hadden, ze gingen naar Amsterdam, hadden geen oog voor de platenzaken, maar alleen voor elkaar, zoals dat hoort op een eerste date.

Blonde On Blonde kwam in mijn leven ergens begin jaren '90. Hoewel ik al wel het een en ander van Dylan gehoord had, moest ik nog veel ontdekken. In een platenzaak in Zutphen, eentje waar ik nooit eerder was geweest & die bij een volgend bezoek aan de Hanzestad ook al weer verdwenen was, vond ik in de bakken de lang gezochte cd Blonde On Blonde. Op dat punt in mijn jonge Dylan-leven had ik genoeg over de schoonheid van Blonde On Blonde gelezen, dat ik - nu ik dat album eindelijk had gevonden - niet kon wachten om 't te horen & dus luisterde ik naar Blonde On Blonde in die platenzaak nadat ik had afgerekend. Dat ik de luisterhoek daarvoor bezet mocht houden, kwam mede doordat ik gedurende mijn tijd in de zaak de enige klant was [niet voor niks was de winkel een paar maanden later al weer verdwenen.]

Ik zie mezelf nog zitten, nog geen twintig jaar oud. Het muziekbudget van die maand net uitgegeven aan Blonde On Blonde, grote koptelefoon op mijn oren, alleen in die zaak. Wie denkt dat ik nu ga schrijven dat Blonde On Blonde een verpletterende indruk op mij maakte, moet ik teleurstellen. Ik vond er geen reet aan. Oké, I Want You vond ik wel leuk, maar dat had ik thuis al op een Greatest Hits, net als Just Like A Woman overigens. Waarom had ik in godsnaam ongehoord Blonde On Blonde gekocht? Ik was een sukkel, een nitwit, een... Even overwoog ik de winkeleigenaar te vragen de reeds afgerekende cd om te mogen ruilen voor een andere titel, maar voor wat dan? 

Ik nam mijn verlies & fietste met hangend hoofd de bijna 20 kilometer naar huis. Bij thuiskomst verdween Blonde On Blonde in de kast, uit het zicht.

Ik weet niet meer wat de trigger is geweest, maar na een tijdje moet ik die cd weer eens uit de kast opgediept hebben om nogmaals te luisteren, en nog eens en nog eens. Net zo lang tot er iets klikte. En toen het klikte, begon het obsessief luisteren.

Ik weet niet hoe dat luisteren bij jou eruit ziet, maar bij mij ging dat in fases. De inmiddels door mij doorlopen fases van het luisteren naar Blonde On Blonde in min of meer chronologische volgorde:

1. Het luisteren naar de hits: I Want You, Just Like A Woman, Rainy Day Women #12 & 35, later aangevuld met One Of Us Must Know;

2. Het luisteren naar het gehele album in één lange, ononderbroken sessie;

3. De focus op de 'grote' songs, zoals Visions Of Johanna, Sad-Eyed Lady Of The Lowlands en Stuck Inside Of Mobile With The Memphis Blues Again;

4. Het merken dat Blonde On Blonde een aantal ijzersterke songs heeft die iedereen over het hoofd lijkt te zien, zoals Pledging My Time, 4th Time Around en Temporary Like Achilles;

5. Het afwisselend draaien van een mono- en een stereopersing om in de verschillen tussen die twee het album weer als nieuw te kunnen horen;

6. Idem, maar dan met verschillende persingen uit verschillende landen;

7. Idem, maar dan met verschillende heruitgaven, remasters etc. etc.

8. Idem, maar dan met verschillende formaten waarop Blonde On Blonde is uitgebracht: elpee, cd, cassette, minidisc;

9. De songs op Blonde On Blonde vergelijken met studio-outtakes.

Momenteel zit ik in luisterfase 10, een verlenging [of vernauwing] van fase 9: het tegen het dwangmatige aan bezig zijn met één opname van de Blonde On Blonde-sessies. Dat kan een song van het album zijn, maar ook een outtake. Op het moment van schrijven is dat Pledging My Time [take 1, alternate take] zoals die te vinden is op The Cutting Edge. Deze Pledging is het enige van Blonde On Blonde dat ik in de afgelopen anderhalve week beluisterd heb.

En ook deze fase zal als vanzelf overgaan in weer een andere fase van de Blonde On Blonde-obsessie. Want ondanks de wat moeilijke start, kan ik wel zeggen dat ik 'iets' heb met het jarige Blonde On Blonde. En hoewel dat 'iets' zich niet [meer] vertaalt in het dagelijks luisteren naar dit meesterwerk, ben ik wel ergens op iedere dag minstens een momentje bezig met Blonde On Blonde

aantekening #7: Het vinden van het moNUment; Austin, Texas 29 juni 2026

Het is de ochtend van 2 juli & ik luister naar Dylans concert van 3 dagen geleden, het eerste concert van Joel Paterson op gitaar. Daar had ik gisteren ook al naar kunnen luisteren, maar verplichtingen elders zorgden voor uitstel. Om eerst maar even op volle kracht de open deur in te trappen: Paterson past uitstekend in Dylans band. De gitarist schittert, bescheiden en effectief. Eerste indruk is dat Paterson geen ego-speler is, zo'n speler die vooral bezig is om het eigen kunnen tentoon te spreiden. Paterson speelt ten dienste van de band, van de song. De man is een radartje in een geoliede machine. Mijn eerste indruk is dat Joel Paterson een aanwinst is.

Een band van vier - inclusief Dylan - met slechts één gitarist stond maandagavond op het podium in Austin, Texas. Er is ruimte in de muziek, ruimte voor Dylan om z'n stemgymnastiek over het publiek uit te strooien. Want als het opgewaaide stof rond de gitaristenwisselingen is neergedaald, is het eerste dat opvalt tijdens het beluisteren van deze opnamen hoe ongehoord goed Dylan bij stem is. De stem speelt met de tekst zoals een kat met een muis kan spelen. Jagen, vertragen, drie keer ronddraaien en nogmaals kijken of aantikken. Die stem gaat omhoog, omlaag, versnelt en vertraagt net zo lang tot de woorden voor die avond perfect uit de strot komen om de song vanaf de grond opnieuw op te bouwen tot een toren, een monument van het moment. Een moNUment, zo je wilt.

De tweede song op de setlist - Man In The Long Black Coat - is al groots, maar Dylan-de-zanger komt tijdens It Ain't Me, Babe - song #3 - pas echt los. En laat ik eerlijk zijn: It Ain't Me, Babe is een song waar ik wel ietwat op uitgekeken was, te vaak gehoord, denk ik. Maar in Austin, Texas, aan het eind van juni '26 weet Dylan met zijn stem, met het kauwen van zijn woorden die oude song een nieuw leven in te blazen & is het haast of ik It Ain't Me, Babe voor het eerst hoor. 

Is dat niet de voornaamste reden om concertopnamen na te jagen: oude songs weer horen glanzen alsof ze net uit het plastic zijn gehaald? 

When I Paint My Masterpiece heeft een likje van Man Gave Names To All The Animals meegekregen, zo lijkt het op eerste gehoor. Masterpiece is een ander voorbeeld van het herontdekken van een oude song door de jas waarin de song zit gegoten te vervangen door een nieuwe & frisse jas. Ander kleurtje, ander geurtje & de song kan weer een tijdje mee. Zoiets.

En dan natuurlijk die covers. Is het gek om te stellen dat de Charlie Rich-song I'll Make It All Up To You in dit Dylan-jasje prima zou passen op een van de mans albums uit de 21ste eeuw? Op Modern Times misschien, of Rough And Rowdy Ways. Een aantal jaren terug vond Dylan zijn zangstem terug of opnieuw uit met dank aan drie albums vol met met Frank Sinatra geassocieerde songs. Covers zijn belangrijk voor Dylan-de-zanger, dat is goed te horen tijdens I Can Tell en vooral Share Your Love With Me.

Dylans pianospel is een stuk spaarzamer geworden dan het een aantal jaren geleden was. Niet alleen zit het instrument wat dieper in de mix, maar het tegendraadse pianospel van een paar jaar geleden lijkt meer plaats te hebben gemaakt voor een begeleidende rol voor het instrument. 

Zo'n beetje alle songs in midtempo, misschien mag ik het niet zo stellen of aannemen, maar het lijkt er op dat de wilde songs allemaal thuis zijn gelaten om de 85-jarige Dylan de kans te geven om zijn zangkwaliteiten tentoon te spreiden in een tempo dat hij nog kan behappen. Kijkend naar het geheel ademt het concert wat van de nachtclub-fibes van de Shadow Kingdom-film. 

Het ietwat jazzy Soon After Midnight is een andere uitschieter. Het is muzikaal niet eens zo heel ver van de Tempest-versie van deze song en toch, net even meer relaxt, wat opener. Om direct daarna de schoonheid van het 'niemendalletje' Under The Red Sky voor het voetlicht te brengen. Ik heb een zwak voor de song [en het gelijknamige album], misschien dat ik er daarom ook dit keer weer zo aan blijf kleven. Zoals eerder op de avond de Trying To Get To Heaven niet de beste Trying To Get To Heaven is, is deze Red Sky niet de beste Red Sky, maar dat hoeft ook niet. Beide songs zijn deze avond, goed, erg goed zelfs. Deze versies, deze uitvoeringen passen in dit geheel, in dit concert op deze avond. Ze horen voor nu bij deze band, bij dit moment en dat is waar het om draait. Hetzelfde kan gezegd worden van Crossing The Rubicon of False Prophet, in vergelijking met de overbekende versies van Rough And Rowdy Ways hebben de songs ietwat bite verloren, maar dat is oké. Het past in het grotere geheel van het concert. Want laat ik eerlijk zijn, een goed concert is altijd meer dan een verzameling losse songs & Dylans concert in Austin van afgelopen maandag verdient zeker het label 'een goed concert'.

De swing van Goodbye Jimmy Reed is in mijn oren een perfecte herontdekking van de nog niet eens zo oude song. Mooi om te horen hoe het spel van Joel Paterson gemaakt lijkt te zijn voor deze swing. Let ook even op het spel van bassist Tony Garnier tijdens Jimmy Reed. De man draait al 37 jaar mee in Dylans tourband, hij is zo'n vaste waarde geworden, dat je bijna zou vergeten hoe essentieel hij voor het geheel is. Niet alleen is zijn spel soepel, goed, het bandgeluid vullend, ook is het een onmisbare link tussen Bob Dylan en bandleden. We kunnen denk ik rustig stellen dat naast kapitein Dylan, Garnier de eerste stuurman staat.

Is Every Grain Of Sand een goede concertafsluiter? 

In mijn oren is de demo-versie van Sand - te vinden op een van de Bootleg Series - onovertroffen, maar het is goed dat Dylan tegenwoordig de song zo vaak probeert nieuw leven in te blazen. Het spaarzame geluid van de band vanavond past goed bij deze song-van-een-twijfelaar. Want dat is Every Grain Of Sand in mijn oren, een song van een man die durft te twijfelen aan wat eerder vast leek te staan. Het publiek na zo'n song naar huis sturen moet er voor zorgen dat ze terug blijven komen op andere avonden in de toekomst. Ik weet niet of de song dat waar kan maken.

Every Grain Of Sand is heden een betere afsluiting dan toen Dylans setlists hier en daar nog door de geluidsbarrière denderde met ronkende versies van Like A Rolling Stone, All Along The Watchtower, Country Pie of Summer Days. Het hele concert ademt de sfeer van ingetogenheid, van contemplatie, daar past Every Grain Of Sand zeker bij, maar of het ook de ideale afsluiter is, heb ik nog mijn twijfels over.

Van de zestien gespeelde songs stamt alleen It Ain't Me, Babe uit de jaren zestig & die song is voor dit concert dusdanig op de schop gegaan dat we eerder van een nieuwe song dan van een sixties-favoriet kunnen spreken. Dat geldt ook voor de twee songs uit de jaren zeventig: When I Paint My Masterpiece en Watching The River Flow. 

Het is overduidelijk dat Bob Dylan op zijn 85ste nog steeds een dikke middelvinger opsteekt naar de nostalgiezoekers. Hoewel hij inmiddels ruim meer tijd achter dan voor zich heeft liggen, kijkt hij nog steeds niet achterom. De blik is niet op consolideren, maar op creëren gericht. De man kijkt nog steeds voor zich uit, altijd op zoek naar anders, naar nieuw, naar het inblazen van nieuw leven in oude songs, al dan niet zelf geschreven. Terugkijken kan altijd nog, maar nu nog niet, daar is hij nog lang niet oud genoeg voor.


TW - 02 juli '26

Fab, Joel Paterson plays the guitar!

De enige gitarist tijdens Bob Dylans concert gisteravond in Austin, Texas was Joel Paterson. Ik moet bekennen dat ik nog nooit van de man gehoord had, maar wat van zijn muziek luisteren op Bandcamp doet vermoeden dat de man past binnen Dylans band. Luister bijvoorbeeld naar zijn album Wheelhouse Rag of het album dat hij met Annie Dolan maakte & de overeenkomsten met Dylans "Love & Theft" zijn daar. [bandcamp, website]

In de [online] media doen sinds het vertrek van Bob Britt de wildste verhalen de ronde. Britt zou op staande voet ontslagen zijn en / of met mot vertrokken uit Dylans band. Onzin, aldus Britt zelf. Op Facebook schrijft hij onder andere: I was not fired but left of my own accord for reasons I would prefer to keep private. I will miss my band mates and crew.

Het vertrek van Britt uit Dylans band lijkt wel vrij plotseling te zijn geweest. Het zou mij niet verbazen - maar dit is speculatie - dat Joel Paterson is aangetrokken om Julian Lage te vervangen op de momenten dat deze verplichtingen [= concerten] elders heeft, mogelijk zelfs op aanraden van Lage. In dit scenario staat het vertrek van Bob Britt hier los van. 

Als bovenstaande klopt zal Bob Dylan mogelijk nog op zoek gaan naar een vervanger voor Bob Britt. Dat hij in die zoektocht uitkomt bij Joel Paterson is niet onwaarschijnlijk. Als dit het geval is, staan straks Julian Lage en Joel Paterson samen op het podium als Bob Dylans gitaristen. 

Tot slot: de eerste reacties online op de aanwezigheid van Joel Paterson die ik heb gezien, zijn dusdanig positief dat ik uitkijk naar opnamen van het concert in Austin, Texas, gisteravond. [setlist]

Fab, who plays the guitar? herbezocht

Tijdens Dylans concert op 17 juni in Santa Barbara bleek gitarist Doug Lancio in Dylans band vervangen te zijn Julian Lage. Een dag later vroeg ik me in Dylan kort #5 af of vervanger Julian Lage lang deel uit zou maken van Dylans tourband aangezien een tourschema op zijn eigen website meldt dat hij onder eigen naam een concert geeft op 29 juni in New York. Een blik op het tourschema van Lage leert dat zijn concert vanavond nog steeds gewoon doorgaat. Vanavond spelen Dylan & band in Austin, Texas. De vraag door wie Lage vervangen zal worden houdt mij al een paar dagen bezig.

Het wordt nog mooier / erger. Vanochtend is op verschillende websites te lezen dat ook die andere gitarist in Dylans tourband, Bob Britt, is gestopt en per direct vertrokken. Dat roept de vraag op wie vanavond gitaar speelt tijdens het concert in Austin. 

Of is het moment van vertrek van Britt geen toeval? Staat er in de coulissen al een tijdje een nieuw gitaarduo klaar? Was het vertrek van Lancio ingegeven door de aankondiging van het nieuwe gitaarduo per 29 juni, wilde Lancio hier niet op wachten en is hij daarom al eerder vertrokken en [tijdelijk] vervangen door Julian Lage?

Website Julian Lage vind je hier.

Een van de berichten over het vertrek van Bob Britt staat hier.

aantekening #7

In maart 1965 verscheen Bringing It All Back Home, Bob Dylans vijfde album. Home is een album met twee kanten: op de songs op de eerste kant wordt Dylan begeleid door een band, de vier songs op kant 2 zijn akoestisch. Het onderscheid tussen de twee zijden is wat Bringing It All Back Home mede definieert. Voor wie het even niet scherp heeft, de tracklist van Home:

kant 1:

1. Subterranean Homesick Blues

2. She Belongs To Me

3. Maggie's Farm

4. Love Minus Zero / No Limit

5. Outlaw Blues

6. On The Road Again

7. Bob Dylan's 115th Dream

kant 2:

1. Mr. Tambourine Man

2. Gates Of Eden

3. It's Alright, Ma [I'm Only Bleeding]

4. It's All over Now, Baby Blue

Over zo'n tracklist is nagedacht. Wie goed kijkt [luistert] merkt dat het meer is dan alleen het contrast tussen de beide zijden van de elpee. Kijk bijvoorbeeld eens naar de zeven songs op de eerste kant: muzikaal zijn er - in mijn oren - drie songparen & één losse song die de overgang naar kant 2 vergemakkelijkt, mede door het contrast tussen beide zijden op de hak te nemen.

Het eerste paar bevat twee stevige oorwurmen: Subterranean Homesick Blues en Maggie's Farm. Gemakshalve noem ik dit paar A. Het tweede paar bestaat uit de twee liefdesliedjes: She Belongs To Me en Love Minus Zero / No Limit. [Voor wie - net al ik - deze twee songs soms door elkaar haalt, een simpel ezelsbruggetje: She Belongs To Me begint met She’s got everything she needs en Love Minus Zero met My love she speaks like silence, maar dit terzijde.] Deze twee songs over dames vormen paar B.

Paar C bestaat uit de twee ietwat vergeten O-songs: Outlaw Blues en On The Road Again.[1] Tot slot is er de song die de overgang naar de akoestische kant verzacht door het zonder band inzetten van de song om na een lachsalvo van producer Tom Wilson, Dylan & co opnieuw te starten met band [akoestische & band-versie van dezelfde song in één track]. Mijn aanname dat dit gedaan is om de overgang naar de akoestische zijde te verzachten, wordt versterkt doordat wat we op het album horen [valse inzet lach tweede inzet] nooit daadwerkelijk zo in de studio heeft plaatsgevonden. De valse start & lach zijn later voor de definitieve versie van Bob Dylan's 115th Dream [D] geplakt. Het aan elkaar koppelen van akoestische en band-versie van 115th Dream is dus achteraf gecreëerd om beide versies in één track te kunnen laten horen en daarmee de overgang van kant 1 naar kant 2 te verzachten.

Schematisch ziet de eerste zijde van Bringing It All Back Home er dus als volgt uit: A - B - A - B - C - C - D. Het is bijna het rijmschema van een songtekst. Het zal wel toeval zijn, maar dit is precies het rijmschema van de eerste zeven regels van Mr. Tambourine Man

Hey! Mr. Tambourine Man, play a song for me [A] 

I’m not sleepy and there is no place I’m going to [B] 

Hey! Mr. Tambourine Man, play a song for me [A]

In the jingle jangle morning I’ll come followin’ you [B]

Though I know that evenin’s empire has returned into sand [C]

Vanished from my hand [C]

Left me blindly here to stand but still not sleeping [D]

Het moge duidelijk zijn: in mijn oren zit er ritme in de tracklist van Bringing It All Back Home. Er is nagedacht over de volgorde van de songs voor ze op de plaat werden geslingerd. En dat ritme in de tracklist op Bringing It All Back Home is zó sterk, dat ook op de cd - waarbij er geen A- en B-kant is - dat ritme overduidelijk aanwezig is.

Vijf jaar na het verschijnen van Home werd in Engeland dit album voor het eerst op cassette uitgebracht. Nou is het niet vreemd dat voor een release op cassette wat met songs geschoven wordt zodat de beide zijden van een cassette min of meer evenveel minuten muziek bevatten, maar met de Engelse cassetterelease van Bringing It All Back Home heeft men het wel erg bont gemaakt. 

Volgens website Searching For A Gem zijn er drie versies van deze Engelse cassette, in huize Willems draait momenteel de tweede van de drie versies, dit is wat ik hoor:

kant 1:

1. Mr. Tambourine Man

2. It's Alright, Ma [I'm Only Bleeding] 

3. It's All Over Now, Baby Blue

4. Bob Dylan's 115th Dream

kant 2:

1. Subterranean Homesick Blues

2. She Belongs To Me

3. Maggie's Farm

4. Love Minus Zero / No Limit

5. Outlaw Blues

6. On The Road Again

7. Gates Of Eden

Er is flink met de songs geschoven waarbij de akoestische songs nu ineens vooral op de eerste zijde te vinden zijn terwijl veel van de band-songs zijn verplaatst naar kant 2. [2] Natuurlijk is de muziek op deze cassette goed, het zijn immers de elf van Bringing It All Back Home bekende songs, maar - en dit is de vraag waar ik mee worstel - is dit nog wel Bringing It All Back Home?

Antwoorden op een briefkaartje [e-mail of reactie op de blog mag uiteraard ook.]

~ * ~

[1] Ander ritme: naast de twee O-songs, zijn er ook twee S-songs [Subterranean & She Belongs To Me] en twee It's-songs [It's Alright, Ma & It's All Over Now]. De O-, S- en It's-songs staan steeds bij elkaar op de tracklist van Bringing It All Back Home.

[2] Een vreemde keuze wanneer je bedenkt dat er een Amerikaanse cassette-versie van Home is waarop de song in precies dezelfde volgorde staan als op het oorspronkelijke album.


TW 27 juni 2026

Wanneer draaide jij voor het laatst Shadow Kingdom?

Ik moet bekennen dat ik Shadow Kingdom niet echt op mijn radar heb. Ik heb dat album al maanden niet gedraaid, als het niet nog langer geleden is, simpelweg omdat ik vergeet dat 't er is. Jij?

Mijn fout. Ik heb het inmiddels goed gemaakt met mezelf door het album weer eens op te zetten. En wat blijkt? Dit is verdomd goed & mag zeker niet vergeten worden. 

Ik heb het niet helemaal meer scherp hoe het nou precies zat met dit album. Er was ergens in coronatijd een online video, een compensatie voor het noodgedwongen stilvallen van de gang naar de concertpodia. Compensatie voor de fans omdat ze geen concerten konden bijwonen. Compensatie voor Dylan voor het wegvallen van de inkomsten. De fan moest betalen om de online video te kunnen bekijken, zo herinner ik het me. Of dat veel was wat betaald moest worden, weet ik niet meer. Is ook niet belangrijk. Ik heb betaald & genoten van Shadow Kingdom op een warme zomeravond.

De Dylanliefhebber werd naar het videoplatform gelokt met compensatie voor het concerttekort, zo heb ik het opgeslagen. Zo keek ik in aanvang naar Shadow Kingdom. De op het videoplatform getoonde beelden waren zeer goed, maar een concert - zoals ik vooraf dacht - was het zeker niet. Wat ik me herinner, maar ik kan er naast zitten, is dat nog lang na die video (& ook na het verschijnen van de gelijknamige cd en elpee) werd gesproken over een concertregistratie. 

Shadow Kingdom is veel, maar een concertregistratie is het zeker niet. Eerder een [muzikale] film noir waarbij de getoonde muzikanten - m.u.v. Dylan - niks met de gehoorde muziek vandoen hadden. De muziek was al eerder opgenomen in een studio met andere muzikanten. Oude Dylansongs in een nieuw jasje. Tot zover het [manke] geheugen.

Ik heb het moeten opzoeken: de video werd uitgezonden op 18 juli 2021. Bijna twee jaar later werd Shadow Kingdom op elpee en cd uitgebracht. [Searching For A Gem]

De oren van 2026 leren dat Shadow Kingdom vrij uniek is in Dylans oeuvre. Voor dit album [deze video] heeft hij immers dertien songs van eigen hand opnieuw opgenomen in een studio, aangevuld met een nieuwe instrumentale track: Sierra's Theme. Dat heeft hij niet vaak gedaan: eigen songs opnieuw opnemen.

In 1969 nam Dylan samen met Johnny Cash een nieuwe versie van zijn Girl From The North Country op en dan is er nog de nieuwe versie van A Hard Rain's A-Gonna Fall die Dylan voor Expo Zaragosa [2008] opnam. [video] Er zijn vast nog meer momenten geweest waarop Dylan eigen, oude songs opnieuw opnam, maar dat zijn er niet veel. Natuurlijk zijn er bijvoorbeeld de One Too Many Mornings tijdens The Basement Tapes of de Just Like Tom Thumb's Blues tijdens de sessie met George Harrison in 1970, maar deze opnamen waren nooit bedoeld om uitgebracht te worden, in tegenstelling tot de dertien songs op Shadow Kingdom.

Most Likely You Go Your Way (And I'll Go Mine), What Was It You Wanted, Pledging My Time of welke song dan ook op Shadow Kingdom, het zijn allemaal dezelfde songs zoals ze eerder door Dylan zijn uitgebracht. En toch, door de nieuwe interpretatie, de nieuw gevonden ingang tot een compositie weet Dylan iedere oude song op Shadow Kingdom nieuw leven in te blazen. Als was het een nieuwe compositie. 

Het is voor mij nog steeds moeilijk om naar Shadow Kingdom te luisteren en niet de beelden uit de gelijknamige film voor me te zien. De muziek past uitstekend bij de duistere beelden uit die film. 

De songs op Shadow Kingdom geven me het gevoel alsof ik binnengeslopen ben waar ik niet hoor te zijn. Alsof Dylan & band de songs spelen & ik de ongewenste gast ben die zichzelf onzichtbaar probeert te maken door zich in een hoekje terug te trekken. 

Wat Shadow Kingdom vooral laat horen is wat Dylan ook vanaf de concertpodia lijkt over te willen brengen: een song is niet in beton gegoten. Een song leeft & zoals bij ieder levend ding gaat het de ene dag beter dan de andere & is geen dag hetzelfde. Hoe vaak Dylan zijn oude songs ook speelt, zichzelf herhalen doet hij niet, dáár is Shadow Kingdom een weerslag van.

En - zo realiseer ik me nu - is dit tot op heden zijn laatste studioalbum.

Maar bovenal is het een verdomd goede plaat. 


TW 25 juni 26

Dylan kort #6

Europese tournee: Op de website van kaartverkoper Live Nation staan twee concerten van Bob Dylan aangekondigd voor oktober in Zweden [19] en Denemarken [21]. Dat dit een voorbode is voor meer aankondigingen van concerten van een [uitgebreide] Europese tournee is niet onwaarschijnlijk, schreef hij licht optimistisch.

Theo van den Boogaard heeft net een nieuw Dylan-boek gepubliceerd. Bob Dylan Illuminated is verschenen in een oplage van 250 [gesigneerde] exemplaren, te koop bij iedere [online] boekenverkoper. Een artikel over dit boek op de website van HP /De Tijd van afgelopen februari legt uit waarom Dylans songteksten niet in het boek zijn opgenomen. [HP / De Tijd]

Op 13 februari 1976 speelde Jerry Garcia Band tijdens een concert in Berkeley, CA een bijna 20 minuten durende versie van Knockin' On Heaven's Door. Het is te horen op het 21ste deel van de serie Garcia Live. Het is geen geheim dat ik geen liefhebber ben van covers van Bob Dylans songs, maar wie mij kent, weet ook dat ik een zwak heb voor het werk van zanger / gitarist Jerry Garcia, inclusief [een deel van] zijn Dylan-covers. Deze Knockin' van februari '76 is traag, bijna meditatief & net wanneer je Garcia & co een schop onder de kont wil geven, weet de meestergitarist het geheel niet alleen te redden, maar naar een hoger plan te tillen. Deze Knockin' deed mij denken aan de Knockin' van ruim een decennium later, de Knockin' die het album Dylan & The Dead afsluit, de Knockin' met compleet ander, maar minstens zou sterk gitaarspel van meneer Garcia.

Zijsprong: niet lang na verschijnen van hun debuutalbum Sackcloth 'n' Ashes [1995] was 16 Horsepower te gast bij Jan Douwe Kroeske voor een 2 Meter Sessie. Omdat ik het album Sackcloth 'n' Ashes hoog aansla, keek ik afgelopen week naar de [onlangs online gezette?] video van 16 Horsepowers 2 Meter Sessie. Dat viel tegen. De drie mannen van deze band speelden de drie, vier songs van Sackcloth 'n' Ashes noot voor noot na onder het alles-goed-vindende-oog van Jan Douwe K. Dat is knap, maar het voegt niks toe aan de live-beleving. Het was nog net geen karaoke wat 16 Horsepower liet horen, maar het scheelde niet veel.

Houd dit in het achterhoofd terwijl ik het verhaal weer druk  in de richting van Jerry Garcia & Bob Dylan.

Je kunt veel van Bob Dylans concerten zeggen, maar wat hij [goddank] zeker niet doet, is de studioversies van zijn songs zo natuurgetrouw mogelijk naspelen in de concertzaal. Hetzelfde kun je zeggen over Jerry Garcia, inclusief de concerten met zijn Grateful Dead. Songs worden - zowel door Dylan als door Garcia & co - tijdens concerten opnieuw uitgevonden, of zo je wilt: afgebroken & opnieuw opgebouwd. Zowel Bob Dylan als Grateful Dead zijn - in het concertlandschap - hier vrij uniek in. Oké, in jazz gebeurt dit afbreken & weer opbouwen ook veelvuldig, maar buiten de jazz zijn Dylan en Garcia & co de uitzondering op de regel.

Met dank aan die paar minuten film van 16 Horsepower realiseerde ik me maar weer eens hoe goed Bob Dylan & Grateful Dead bij elkaar pasten. En natuurlijk: de korte tournee die ze samen ondernamen valt in een periode [zomer '87] waarin zowel Bob Dylan als Grateful Dead niet in hun beste muzikale doen waren, maar dat gezegd hebbende: de circulerende concertregistraties - inclusief het officieel uitgebrachte album Dylan & The Dead - van deze tour zijn beter dan de reputatie doet vermoeden. Luister bijvoorbeeld nog eens naar Knockin' On Heaven's Door, de afsluiter van Dylan & The Dead, en hoor hoe deze song noot voor noot opnieuw opgebouwd wordt.

Kippenvel.


TW 24 juni 26

aantekening #6

Het is zaterdagavond, behoorlijk aan de temperatuur - al is het binnenshuis nog wel uit te houden - terwijl ik wat lees in het onlangs gekochte boek Alle 214 goed; The Beatles in hun liedjes [Uitgeverij Rainbow, Amsterdam, 2018] van Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes. Ik weet het, het Nederlands elftal staat op dit moment op de grasmat, maar het interesseert me niet.[1] Geef mij maar een boek.

Over de Beatles-song You've Got To Hide Your Love Away lees ik: 'Op exact dezelfde dag dat Dylan in New York onder invloed van de Beatles elektrisch ging, voor de lp Bringing It All Back Home, gingen de Beatles aan de overkant, in Londen onder invloed van Dylan volkomen akoestisch [aldus MacDonald], en dat was op donderdag 18 februari 1965, toen dit nummer werd opgenomen in de Abbey Road studio's'. [blz. 83]

Wacht even, dat klopt niet. The Beatles zullen best op 18 februari 1965 You've Got To Hide Your Love Away opgenomen hebben, maar Bob Dylan was op die dag zeker niet in een studio in New York te vinden om - met band - opnamen te maken voor Bringing It All Back Home. Het is verre van obscure kennis dat die opnamen tijdens drie dagen in januari 1965 plaatsvonden. Hoe is het mogelijk dat Bindervoet & Henkes - toch mannen, zo veronderstel ik, met enige kennis over Dylans leven & werk - dit beweren? Vertaalden zij niet Dylans verzamelde songteksten, zijn 'autobiografie' Chronicles èn het beste onleesbare boek ooit gepubliceerd: Tarantula? Waar komt zo'n slordigheid dan vandaan?

Ze - Bin & Hen - geven zelf al het antwoord: Beatles-schrijver Ian MacDonald.

MacDonalds Revolution In The Head; The Beatles Records And The Sixties [Vintage Books, Londen, Seconds Revised Edition, 2008] staat in huize Willems op dezelfde plank waar ook Alle 214 goed van Bin & Hen komt te staan als ik het uit heb. 

MacDonald over You've Got To Hide Your Love Away: 'Taped fast in an afternoon session, this was the first all-acoustic Beatles track, a format inspired by their Dylan fad. Ironically, at exactly the same time as The Beatles were laying aside their electric guitars and drums under the influence of Dylan's Another Side, he was in a New York studio recording his first amplified set, Bringing It All Back Home - a move he had made after hearing and meeting The Beatles.'

Inderdaad hetzelfde als wat Bindervoet & Henkes schrijven. Of toch niet? In dit citaat noemt MacDonald de opnamedatum van You've Got To Hide Your Love Away niet, maar in een kort overzicht boven dit citaat staat wel degelijk de opnamedatum 18 februari 1965 voor You've Got To Hide Your Love Away. Dus hetzelfde. Of toch niet?

Beweert MacDonald nou wel of niet dat Dylan op die achttiende februari in de studio was voor BIABH-sessies? Ik kan me niet herinneren dat ik tijdens het lezen van zijn boek, een paar jaar geleden, viel over een verkeerd gegeven opnamedatum voor BIABH. Misschien komt dat door de woordkeuze 'at exactly the same time' in bovenstaand citaat. Dat kun je lezen als 'op precies dezelfde dag', zoals Bin & Hen hebben gedaan, maar misschien ook als 'in dezelfde periode', dus als in begin 1965, zoals ik het las. Dat ik het zo las, heeft er waarschijnlijk mee te maken dat ik de precieze opnamedata voor Bringing It All Back Home - in tegenstelling tot Bindervoet & Henkes - in mijn kop heb zitten.

Ontstaan zo slordigheden? 

Ik denk het.

Slordigheden irriteren mij. Ik kan er niks aan doen. Ze irriteren me vooral omdat ik aan mezelf ga twijfelen: klopt wat ik denk te weten wel? In het geval van de opnamedata van Bringing It All Back Home ben ik zeker van mijzelf, maar over iets wat Bindervoet & Henkes elders in Alle 214 goed schrijven begin ik toch te twijfelen. Twijfelen aan mezelf vooral. 

Ik weet niet meer precies waar, maar ergens tussen neus en lippen door in de eerste 100 bladzijden van Alle 214 goed schrijven Bin & Hen dat The Beatles voor het eerst marihuana rookten toen ze Bob Dylan op zijn hotelkamer bezochten. In mijn kop zit dat het andersom is, dat Dylan The Beatles bezocht op hun hotelkamer in het Delmonico hotel, New York op 28 augustus 1964 - op de dag af een jaar na de Mars op Washington - waarbij John, Paul, George & Ringo voor het eerst kennismaakten met marihuana. Maar met dank aan wat Bindervoet & Henkes schrijven, begin ik toch te twijfelen. Zit het wel goed in mijn kop, of is het toch andersom en hebben B & H gelijk & bezochten The Beatles Dylan in plaats vaan andersom?

Laat het me weten zodat ik het foute antwoord kan vergeten.

~ * ~

[1] Pas wanneer minstens vijf basisspeler van Oranje Telstar-spelers zijn, ben ik weer geïnteresseerd in de verrichtingen van het nationale elftal.


TW 20 juni 2026

Dylan kort #5

Fab, who plays the guitar? Tijdens het concert gisteravond in Santa Barbara, Californië ontbrak Doug Lancio in de band. Zijn plaats werd ingenomen door Julian Lage. Lage is een jazzgitarist onder contract bij Blue Note Records. Of hij lang deel zal uitmaken van Dylans band is maar de vraag. Zo leert zijn website dat hij op 29 juni onder eigen naam een concert geeft in New York en op 11 juli op het North Sea Jazz Festival in Rotterdam speelt. [website]

Murder Ballads door Katy Horan is een boek dat me, hoewel ik het nog lang niet uit heb, momenteel flink in de greep heeft. Dit boek bevat [één variant van] de songteksten van 20 murder ballads. Over iedere murder ballad heeft Horan een kort essay [1 à 2 pagina's] geschreven over oorsprong, varianten en betekenis. Iedere murder ballad gaat vergezeld van een schitterende illustratie gemaakt door Horan.

Een aantal van de 20 in dit boek besproken murder ballads zijn ook door Bob Dylan opgenomen en / of gespeeld tijdens concerten [o.a. Delia, Stagolee en Young Hunting dat door Dylan als Henry Lee werd opgenomen].

Je zult mij niet horen zeggen dat Murder Ballads [2025] essentieel is voor de Dylan-boekenkast, maar interessant is het zeker.

Hetzelfde geldt voor het inmiddels al wat oudere boek Folk Music USA [2005] van Ronald D. Lankford, Jr, niet essentieel, wel interessant. In dit boek beschrijft Lankford vaak op luchtige, makkelijk te lezen toon de opkomst en ondergang van de folk revival van eind jaren '50 tot halverwege jaren '60. Lankford plaatst het begin van de revival in 1958 met het uitkomen van Tom Dooley in de uitvoering van Kingston Trio en het einde in 1965 met Dylans optreden op het Newport Folk Festival.

Tom Rush: Het zal de meeste Dylanliefhebbers bekend zijn dat er jarenlang een vermoeden bestond dat Bob Dylan speelt op het album Take A Little Walk With Me [1966] van Tom Rush, maar dat inmiddels duidelijk is dat het gerucht niet klopt. Het album dat Rush uitbracht voor Take A Little Walk With Me viel bij toeval onlangs in mijn handen. Blues, Songs & Ballads [1965] heet die plaat. Ook die plaat heeft werkelijk niks met Dylan te maken, maar wat de plaat toch aardig maakt voor een Dylanliefhebber, is dat er nogal wat nummers opstaan die Dylan ook gespeeld heeft [Pallet On The Floor, Barbra Allen, Cocaine, Stackerlee en Baby, Please Don't Go] en hoewel of juist omdat Rush een compleet andere zanger / artiest is dan Dylan, is het aardig om ter vergelijking dit album eens te beluisteren.

TW, 18 juni 2026

Brokstukken van een Dylancollectie

Nu het me drie keer in korte tijd is overkomen, denk ik dat het geen toeval is. De enige logische reden die ik voor het fenomeen kan bedenken, is dat [nabestaanden van] Dylanverzamelaars de collectie opruimen. Ik heb het over het stuiten op brokstukken van een Dylancollectie in de uitverkoopbakken. Daar waar de Dylanverzamelaar zo'n tien, vijftien jaar geleden soms nog wat speurwerk moest verzetten om bepaalde platen te bemachtigen, lijkt dat nu - mogelijk mede door de onwetendheid van handelaren - een stuk makkelijker [en goedkoper] te zijn.

Afgelopen weekend struinde ik op een beurs wat door bakken vol platen voor een eenheidsprijs. In een van de eerste bakken kwam ik het solodebuut van opper-Byrd Roger McGuinn tegen, simpelweg Roger McGuinn [1973] geheten. Op zich niet heel opmerkelijk, deze plaat duikt vrij regelmatig op in platenzaken en op beurzen in keur van persingen [Nederlandse, Engelse en opvallend vaak de Amerikaanse persing]. Nou ben ik geen liefhebber van Roger McGuinn & zijn Byrds kunnen mij helemaal gestolen worden, maar McGuinns solodebuut is wel interessant voor Dylanliefhebber vanwege openingstrack I'm So Restless waarop Bob Dylan mondharmonica speelt.

Het vinden van Roger McGuinn is geen reden om te veronderstellen dat ik op de brokstukken van een Dylancollectie bent gestuiterd. Het vinden vlak daarna van So You Wanna Go Back To Egypt... [1980, Amerikaanse persing] van Keith Green zorgt voor een ander verhaal. Deze plaat - zoals ook op de achterzijde van de hoes staat - mag niet verkocht worden. This recording may be copied for private or ministry use only, dat dan weer wel, aldus de achterzijde van de hoes. Je vraagt je mogelijk af hoe die plaat dan verkregen kon worden als 'ie niet verkocht mocht worden. Volgens website Searching For A Gem kon So You Wanna Go Back To Egypt... alleen verkregen worden door het doen van een donatie van minstens $25 aan Greens Christelijke missiewerk. Volgens diezelfde website moet ik een bestelformulier voor dit album hebben, maar waar heb ik die gelaten? [link]

So You Wanna Go Back To Egypt... was lang dus niet zo makkelijk te vinden, maar daar lijkt verandering in te komen, afgelopen weekend kwam ik 'm voor de tweede keer in korte tijd tegen. Dit album is voor de Dylanliefhebber interessant vanwege Dylans mondharmonicaspel op Pledge My Had To Heaven.

Het tegenkomen van de Keith Green-plaat was voor mij reden genoeg om ervan uit te gaan dat ik te maken had met afdankertjes uit een Dylancollectie & dat het dus niet geheel onwaarschijnlijk is dat ik meer zou tegenkomen in de uitverkoopbakken. Ik bleek gelijk te krijgen: in dezelfde bak vond ik nog Songs For The New Depression [1976] van Bette Midler met daarop Bucket Of Rain [als Nuggets Of Rain], haar duet met de auteur van de song en de plaat Earl Scruggs Performs With His Family And Friends [1971] met daarop een Nasville Skyline Rag waarop Dylan gitaar speelt. Deze opname werd in 2019 ook uitgebracht op het vijftiende deel van The Bootleg Series

Tot slot kwam ik nog de dubbelelpee A Tribute To Woody Guthrie tegen, Amerikaanse persing. 

Na het overlijden van Woody Guthrie [1912 - 1967] werden herdenkingsconcerten gegeven in 1968 en 1970. Opnamen van deze concerten werden in 1972 op de elpees A Tribute To Woody Guthrie part one en part two uitgebracht. In 1976 werden deze twee elpees samen uitgebracht als dubbelelpee onder de titel A Tribute To Woody Guthrie

A Tribute To Woody Guthrie part two [en dus de tweede elpee van de latere dubbelaar] sluit af met This Land Is Your Land gezongen door alle aanwezigen tijdens het 1968-concert. Dylan zong het zesde couplet, aldus website Searching For A Gem, maar dit is om contractuele redenen uit de opname geknipt. Wel zou Dylan nog te horen moeten zijn tijdens de samen gezongen stukken [ik hoor het niet, moet ik bekennen].

Veel interessanter voor de Dylanliefhebber is A Tribute To Woody Guthrie part one [en dus de eerste elpee van de latere dubbelaar]. Op deze plaat zijn drie Guthrie-songs door Bob Dylan begeleid door The Band te horen: I Ain't Got No Home, Dear Mrs. Roosevelt en The Grand Coulee Dam. Dit zijn de enige [officieel uitgebrachte] concertopnamen van Dylan anno 1968, een Dylan ergens tussen de hectische tournee van 1966 en de Basement-opnamen aan de ene kant, en Nashville Skyline en het Isle Of Wight-optreden in augustus 1969 aan de andere kant. Deze drie Dylanopnamen van het Guthrie-tribute zijn essentiële opnamen die in iedere Dylancollectie thuis horen. Het speelplezier spat uit de groeven van de plaat. 

Nogmaals: het is opvallend hoeveel brokstukken uit Dylancollecties de laatste tijd terug te vinden zijn in de uitverkoopbakken in platenzaken en op beurzen. Het loont dan ook de moeite om dat kwartiertje extra uit te trekken en niet alleen in de platenbakken met het tabblad "Bob Dylan" te kijken, maar ook door de uitverkoopbakken te gaan.


TW 16 juni 2026

Rolling Thunder Revue Concert

Afgelopen dinsdagavond [9 juni] naar Rolling Thunder Revue Concert geweest [info].

Unieke kans om Rob Stoner en (vooral) Scarlet Rivera in actie gezien te hebben.

Beiden maken nu deel uit van een groep van competente musici die momenteel optredens in Europa geven met een selectie nummers van Desire en de RTR. De gespeelde arrangementen waren die van de RTR 1975 editie. Naast de Dylan songs door de gehele groep vertolkte een jonge zangeres, Michele Stodart, ook een paar songs van Joni Mitchell en Joan Baez in RTR stijl, hetgeen ze buitengewoon feilloos deed. Sommige leden van de groep leken sterk op de The Band circa 1967, en een van de zangers leek sprekend op Steven Soles. Achter het podium was een lopende diashow van foto's waarvan het merendeel wel bekend was. Een paar backstage foto's leken nieuw, waaronder een paar met Sara Dylan.

De zaal in Muziekgebouw Eindhoven was voor 2/3 gevuld. Dezelfde zaal als waar Bob ook heeft opgetreden. Ik had een mooie plek op de 1e rij. 

Rob Stoner was al zichtbaar ouder, grijs haar in een staartje, echte New Yorker. Zijn basspel was nog net zo kenmerkend als 50 jaar geleden, en klonk (en oogde) goed.

De nummers werden aan elkaar gepraat door de podcast presentator [ Kerry Shale van de podcast Bob Dylan Approximately] wiens links ook op Expecting Rain staan. Zowel Rob Stoner als Scarlet Rivera vertelden anekdotes uit die tijd die al wel bekend zijn. Interessant was dat Rivera behoorlijk door Dylan door de mangel gehaald werd toen ze op dezelfde avond nadat hij haar op straat aangesproken had auditie bij hem kwam doen, op de zolderverdieping van het huis waar hij ook met Jacques Levy de Desire nummers schreef. Dylan nam met haar meer dan 3 uur lang het ene na het andere nummer door, eerst het pas geschreven Desire-materiaal en naarmate de tijd vorderde werden de (folk)songs steeds obscuurder, maar ze bofte dat ze het meeste nog wel wist. Daarvoor had ze gespeeld en gezongen in een latin band.

Zeer indrukwekkend vond ik dat Scarlet Rivera alle vioolpartijen na ruim 50 jaar nog perfect wist te spelen, en er ook nog zo uitzag als toen. Vooral door de Scorsese film is haar aandeel goed geprofileerd.

Het hele concert duurde ruim 2 uur, met een half uur pauze.

Op YouTube staat een video van Hurricane [video]

De gespeelde Desire-songs:

Hurricane

Isis

One More Cup Of Coffee

Oh Sister

Romance In Durango

en ook Rita May.

Alles in the RTR75 versies, waarbij de karakteristieken in de intro's extra vet ingezet werden (bijv. het basintro tezamen met de viool in One More Cup Of Coffee).

Verder de Dylan songs:

The Times They Are A-Changin'

Blowin' In The Wind 

Señor (deze 3 gezongen door Scarlet Rivera)

Like A Rolling Stone 

Don't Think Twice

A Hard Rain's A-Gonna Fall (de RTR75 versie)

Knockin' On Heaven's Door.

Van Joni Mitchell:

Big Yellow Taxi

plus de song die ze over Leonard Cohen schreef, en die ze ook in de Scorsese RTR film zingt.

Van Joan Baez:

Diamonds And Rust.

Ik was vergeten dat er op Desire ook een accordeonist zit (in Joey uiteraard), reden dat er in deze groep ook een speelde, maar Joey sloegen ze over (vanwege de tijdsduur denk ik). En, helaas, Rob Stoner speelde ook Catfish niet, zijn vaste Dylan song bij RTR 75 en 76. Even wilde ik het roepen want hij stond pal voor me de hele tijd, maar ik ben geen 20 meer.

Rob van Estrik, 11 juni 2026



Van Baez naar Under The Red Sky

De gedachtentrein begon bij Joan Baez, de aanleiding waarom deze zangeres in mijn kop op plopte, weet ik niet meer. Ik houd namelijk niet van de muziek van Baez, het is dus raar dat ik aan haar dacht. Enfin, Joan Baez dus. Van de muziek van Baez ging het naar de duetten die ze met Bob Dylan zong. Eigenlijk meestal ook een ramp, als je het mij vraagt, met dank aan de zingende misthoorn - zoals de bijnaam van mevrouw Baez luidt in huize Willems. Natuurlijk zijn er uitzonderingen, zoals Deportee (Plane Wreck At Los Gatos) zoals te horen & zien is in de film Hard Rain.

Na Baez stuurde de gedachtentrein met de vraag naar wie wel een goed duet met Bob Dylan kan zingen me langs onder andere Emmylou Harris, Willie Nelson & Barbra Streisand. Het oordeel is achtereenvolgens: oké, bijna goed & een ramp. 

Er kwamen nog meer zangpartners voorbij denderen, maar nergens bleef ik aan plakken. Dat was gisteren & eigenlijk had ik de hoop opgegeven. 

Gisteravond in dat moment ergens tussen waken en slapen hoorde ik in mijn achterhoofdradio de regels

You came, you saw, just like the law

You married young, just like your ma

gezongen door twee stemmen waarvan één van Dylan, vervlochten en toch duidelijk van elkaar te onderscheiden. De tweede stem bijna twijfelend, met het woord zekerder van zichzelf wordend. Al luisterend, steeds weer naar die twee regels zoals ze sinds jaar & dag in mijn achterhoofdradio wonen, viel ik in slaap.

Vanochtend bij het ontwaken stond die radio nog steeds aan, steeds dezelfde twee regels spelend. Die regels komen uit Born In Time en hoewel het niet echt een duet is, is de samenzang tussen Bob Dylan en David Crosby - de man van die tweede stem - zo goed, dat ik als ik zou moeten kiezen tussen die twee regels Born In Time of alle Dylan/Baez-duetten, die paar seconden Born In Time blijven.

De eerste bak koffie werd vanochtend begeleid door Born In Time, hoe kan het ook anders. En daarna nog een keer. Ooit naar de credits voor die song gekeken? Niet alleen zingt Dylan, hij speelt ook accordeon. Vreemd.

Verder kijkend naar de credits op Under The Red Sky - het album waarop Born In Time te vinden is - zag ik dat Crosby ook de tweede stem zingt op 2 X 2, misschien niet Dylans sterkste compositie, maar de samenzang is ook op deze song erg goed.

Tsja, Under The Red Sky. Natuurlijk weet ik uit de boeken dat ik moet neerkijken op die plaat. Kinderliedjes, muzikaal matig, zeker na het een jaar eerder verschenen Oh Mercy. Under The Red Sky is zó slecht, dat zelfs producer Don Was in meerdere interviews heeft laten doorschemeren dat hij het niet goed heeft gedaan & dat (mede) daarom Under The Red Sky onder de maat is.

Fuck Don Was. Under The Red Sky is helemaal niet matig.

Fuck de Dylanbibliotheekschrijvers & popjournalisten met hun doorsnee meningen. Under The Red Sky is een goed album.

Natuurlijk is Oh Mercy een goede plaat, maar ik luister liever naar Under The Red Sky. Natuurlijk heeft Oh Mercy het schitterende Man In The Long Black Coat, maar ergens op dat album staat ook die tenenkrommende, niks toevoegende doorsnee sax-solo. Natuurlijk is Most Of The Time sterk, maar sinds het horen van een outtake van die song, blijkt de Oh Mercy-versie hooguit goed. Geef mij maar Under The Red Sky. 

Under The Red Sky heeft meer vuur, meer passie, meer rammel dan Oh Mercy. Oh Mercy is een prima plaat, maar Under The Red Sky is simpelweg avontuurlijker en daarom voor mij aantrekkelijker.

Nee, Under The Red Sky is niet perfect, maar de songs op dit album rammelen lekker. Er is geen strijkbout over de muziek gehaald, er is leven in de (muzikale) kreukels, karakter. Luister bijvoorbeeld naar het rammelen in 10.000 Men of Cats In The Well. Of het schitterende titelnummer met meer accordeon dan Born In Time (zonder dat de credits verklappen wie het speelt) en het uitstekende gitaarwerk van George Harrison. Maar vooral: luister hoe Dylan dat titelnummer zingt. 

En als ik het dan toch over Dylan-de-zanger heb, luister naar God Knows en het bijna altijd over het hoofd geziene Handy Dandy. Niet Dylans sterkste compositie, maar die stemgymnastiek van hem op dit nummer. Eentje voor de boeken, Olympisch zilver op de 3 minuten zang. De stem trekt, rent, sleurt, zeurt, treitert & slijmt in deze ene song. Het is die stem waarom ik naar Dylan luister, waarom Under The Red Sky tot zijn betere albums behoort. 

En dan heb ik het nog niet eens gehad over T.V. Talkin' Song

Nogmaals: Fuck de Dylanbibliotheekschrijvers & popjournalisten met hun doorsnee meningen. Ik heb het eerder geschreven & ik schrijf het nogmaals: T.V. Talkin' Song bevat Dylans beste zangpartij van de jaren '90. Het is beter dan alles op Oh Mercy of Time Out Of Mind. Als Handy Dandy Olympisch zilver is, dan is T.V. Talkin' Song goed voor het goud. Met vlag & wimpel. 

Het is 2026, 36 jaar na het verschijnen van Under The Red Sky. Het is tijd dat dat album eindelijk de lofprijzingen krijgt die het verdient.

Bij deze.


TW 10062026